Weer een positieve bijwerking van Corona gevonden: de slagers en de bakkers hebben voor het eerst in jaren meer omzet.

‘Omdat mensen zichzelf tijdens Corona meer willen verwennen.’

Merkwaardig. Waarom verwennen wij onszelf niet elke dag, maar alleen met Corona? Ook iets om over na te denken. De slagers houden er in ieder geval  36% meer verkopen aan over.

Nu dan maar even over vlees. Vroeger at ik het elke dag. Er werd ons toen wijs gemaakt dat het gezond was. Inmiddels ben ik wat ze noemen flexitariër. Ik hou nog steeds van vlees, maar omdat ik  weet wat een ballast het is voor het milieu, eet ik het nog maar één, hooguit twee keer per week.

Nu we toch allemaal weer naar de slager gaan, zou ik een pleidooi willen houden voor het eten van het hele beest. Ik realiseer me dat ik in Felix Wilbrinks’ wijk kom, maar ik doe het toch, omdat het me al even bezighoudt.

Kijk, als je naar de supermarkt gaat om vlees te kopen heb je de keuze uit varkens -en lamskoteletten, rollades, sudderlappen en slavinken. Zie je ooit een varkensnier, een kalfstong, een ossenstaart, een lapje lever of een zwezerik? Never. Probeer er maar eens aan te komen, zelfs bij de slager is het lastig geworden. En dan vraag ik me af: als je die beesten dan toch slacht, waarom niet het hele beest gegeten? In Frankrijk eten ze zelfs de varkenssnuit, museau geheten, verrukkelijk in de gelatine met een vinaigrette erover.

Het ligt waarschijnlijk aan een enorm vooroordeel. Ik heb vaak mensen te eten en ik vraag ze altijd van te voren waar ze niet van houden. 9 van de 10 keer zeggen ze dan: orgaanvlees. Ok, ik neem de proef op de som. Ik vermoed namelijk dat de meeste mensen het niet gegeten hebben, je kunt het immers bijna nergens krijgen? Dus ik kook zo’n overheerlijke ossentong en ik maak er een ouderwets madeirasausje bij. Ik zeg niks vooraf. Mijn gasten verklaren plechtig dat ze nog nooit zoiets geweldigs hebben gegeten. Mooi. ‘Jongens, dit was ossentong,’ zeg ik dan voorzichtig.

‘Nooit geweten dat het zo heerlijk was,’ is meestal het commentaar.

Want hoe zit het nu met al die nieren, tongen, staarten en levers? Waar blijven die? Toch niet weggegooid of als veevoer? Of in de frikandellen. Want daar eten we er dan wel 37 van per persoon per jaar. Als je bedenkt dat ik er nooit een eet, omdat je niet precies weet wat erin zit, moeten er dus mensen zijn die er wel 72 per jaar eten.

Grappig dat we wel willen eten waarvan we niet weten wat erin zit, maar het eerlijke orgaan niet lusten.

7 augustus 2020